De duivel en de bramen

Vanaf gisteren 29 september is het sterk af te raden om nog bramen te plukken en op te eten! Waarom niet? Omdat er vanaf die dag de duivel in zit, of in ieder geval zijn sappen. Om dit te begrijpen moeten we terug naar het begin der tijden. Naar de allereerste oorlog die uitgevochten werd in de hemel zelf..

Toen God net de mens had geschapen was hij zo lyrisch over zijn ontwerp dat hij alle engelen verplichte om voor de mens te buigen. Alle engelen gehoorzaamden behalve Lucifer. Hij weigerde en kwam in opstand. Hij pleegde daarmee de allereerste zonde – de hoogmoed – en zoals het spreekwoord zegt: ‘hoogmoed komt voor den val’.. 

Deze epische strijd tussen goed en kwaad, tussen God en Lucifer werd natuurlijk beslist ten goede. Lucifer en de andere opstandige engelen verloren de strijd. Hij kon het vooral niet bolwerken tegen de strijdvaardige aartsengel Michael. Deze gooide hem samen met zijn kameraden de hemel uit. (1) Ook de engelen die niet konden kiezen tussen god en Lucifer werden de hemel uitgegooid. Zij vielen op aarde en werden daar het elfenvolk. De opstandige engelen vielen net zolang door tot ze de hel bereikten.

Echter in een sage uit Engeland valt de duivel op aarde. Tot zijn grote pech land hij exact in een braamstruik! Al vloekend en tierend staat hij op – sinds die tijd loopt de duivel behoorlijk mank – en neemt wraak op de braamstruik op een hem kenmerkende manier. Hij pist over de braamstruik heen! Of in de decentere versies spuugt hij erop. Daarna viel of vloog hij verder naar de hel. Sinds die tijd was de braamstruik vervloekt. Lucifer herinnert zich zijn val na al die jaren nog al te goed en komt eind september altijd even langs op aarde om opnieuw wraak te nemen door te plassen of spugen op de vermaledijde vrucht. Vandaar dat er altijd gewaarschuwd wordt om na de datum van de val van Lucifer geen verse bramen meer te eten. De braam is daarna bezeten door de duivel of in ieder geval niet meer te pruimen! (2)

Waarom zou dit drama nu juist op 29 september hebben plaatsgevonden? Dit heeft te maken met de symboliek van licht en donker. Er zijn verschillende momenten om de overgang van de zomer naar de herfst te vieren, maar 23 september is de meest logische, als het punt waar dag en nacht, licht en donker in een etmaal even lang zijn. Daarna wint het duister van het licht. Dit punt van de herfstequinox werd binnen de Christelijke folklore als een voor de hand liggend moment gezien waarop  de oorlog in de hemel plaats moest hebben gevonden. Hier echter wint het licht het van het donker voor altijd. Best wel curieus als je beseft dat het een niet zonder het andere kan bestaan en dat we herfst nodig hebben om tot een nieuw lente te kunnen komen..

De datum van ingang van het taboe op het eten van bramen verschilde van plaats tot plaats. Soms zou het al beginnen op 15 september en soms pas vanaf 11 oktober. Meestal wordt het taboe op bramen echter geplaatst op 29 september. Dit is de feestdag van Sint Michael. Het is een vreemde heilige want hij is nooit mens geweest. 29 september is dus ook niet zijn sterfdatum, maar de datum van zijn grootste heldendaad! Omdat hij de duivel had verslagen werd hij zo belangrijk gevonden dat ook hij een plaatsje op de heiligenkalender kreeg..

Abe van der Veen http://www.abedeverteller.nl

Brueghel – de val van de opstandige engelen (in het midden Michael met zijn zwaard)

1 De wonden die hij daarbij opdeed, verzorgde Michael met heelkruid. De duivel sneed nog in het blad, maar de geneeskracht werd er alleen maar sterker van. I. Marina – De magie van planten p. 107

2 L. Gordon – Green magic p. 50 en R. Graves – The white goddess p. 183

In de tweede helft van september is de kans inderdaad groter dat de braam geïnfecteerd raakt met botrytis cinerea. Aangetaste vruchten kunnen giftige stoffen bevatten en smaken dan vies.

3 Volgens de Mohammedanen zou er bij zijn verbanning uit de hemel knoflook ontsprongen zijn uit zijn linkervoet en uien uit zijn rechtervoet. Dit zou ik persoonlijk juist als een zeer goede eigenschap zien! L. Gordon – Green magic p. 50

Advertenties

Kosmos en chaos in de Egyptische scheppingsmythe van On

Dit is de uitgewerkte versie van mijn lezing over Egyptische kosmologie tijdens de EFF Arcen september 2012. Ik begin met het scheppingsverhaal uit de tempel van On (Heliopolis), daarna volgt een esoterische uitleg..

In het begin was er niets. Slechts de eindeloze waterige afgrond en duisternis genaamd Nu(n). Eerst schept Atum zichzelf en komt tevoorschijn uit deze afgrond. Hij is de totaliteit, de grote hij-zij. Hij zit op de heuvel Benben (waar later de tempel van Heliopolis staat) die uit de wateren oprees. Hij is eenzaam als enige wezen in de wereld. Hij verveelt zich en daar masturbeert hij met zijn hand. Vervolgens slikt hij zijn zaad in en proest het weer uit (hatsjoe) en creëert zo Shu (droge lucht). Daarna creëert hij Tefnut (Tef=vocht) door te spugen (‘tuffen’) of over te geven. Het kan ook zijn dat hij ze creëert uit zijn zaad. In de pyramidetekst wordt het zo omschreven:

‘Ik verenigde me met mijn hand, ik omhelsde mijn schaduw liefdevol; ik goot het zaad in mijn eigen mond en spuugde het daarna uit in de vorm van de goden Shu en Tefnut’

In andere versies creëert Atum de wereld door te copuleren met zijn schaduw. Deze schaduw of hand is de Godin Iuusaset. Dit betekent de grote die tevoorschijn komt.

De luchtgod Shu en de godin van het vocht Tefnut gingen op ontdekkingstocht uit en verdwenen in het duistere niets van Nun. Toen ze lang wegbleven zond Atum zijn ‘oog’ uit om hen te vinden. Toen hij ze vond huilde hij tranen van geluk. Hieruit ontstonden de mensen. Atum plaatste het oog terug in zijn voorhoofd en dat werd de Ureaus-slang. Deze wordt ook door de farao’s als diadeem gedragen.

Uit de liefde tussen broer en zus Shu en Tefnut ontstaan Geb (aarde) en Nut (hemel). Geb en Nut zitten aan elkaar vast in een continue omhelzing. Deze lawaaiige en voortdurende  copulatie van broer en zus maakt Atum zo geïrriteerd (jaloers) dat hij ze door Shu de – luchtgod – van elkaar doet scheiden. Een andere reden kan zijn dat Nut en Geb ruzieden omdat Nut al de kinderen die zij baarde (de sterren) elke keer weer opslokte. Shu kwam letterlijk tussenbeide. Shu scheurt Nut los van Geb en draagt haar op zijn armen staande op Geb. Zo ontstaat onze wereld van lucht en licht. Hierin kunnen ook de volgende generatie goden en mensen geboren worden.

Nut is de nachthemel – met de sterren op haar lichaam – die de hemellichamen baart. Zij staat in een boog over de aarde heen gebogen en grijpt met haar tenen en vingers de randen. Alleen zo kan zij haar geliefde nog voelen. Nog steeds verlangt Geb naar Nut en probeert haar schoot met zijn erecte fallus te bereiken. Shu voorkomt dit door haar te blijven dragen.

In deze wereld is de zon een drievoudige God: Hij is Khepera (kever) in de ochtend, Re in de middag en Atoem tijdens de schemering. De zon wordt als een enorme mestbal voortgerold door een mestkever c.q. scarabee. Zo komt hij op, geboren uit de dijen van Nut. Dit is Khepera. Als Re heerst hij als oppergod en is hij de zon op zijn hoogtepunt. Als Atoem is hij de ondergaande zon, oud en versleten. Hij kwijlt en het slijm valt op de aarde. Dan wordt hij weer verzwolgen door Nut, om de dag daarna weer uit haar geboren te worden..

Thoth voorspelde dat ooit één van de kinderen van Geb en Nut de zonnegod Atoem-Re van de goddelijke troon zal stoten en oppergod in zijn plaats zou worden. Daarom veroordeelde Atoem-Re Nut ertoe om haar kinderen in zich te houden. Zij mocht op geen dag van het jaar haar kinderen baren. Thoth hoorde hiervan en kreeg medelijden. Door schaak te spelen met de maangod Khons kon hij 1/72e deel van het licht van de maan winnen. Door deze verloren schaakpartij van de maangod zijn de maanfasen van volle naar donkere maan ontstaan. Met het maanlicht maakte Thoth 5 extra dagen en vanaf die tijd telt een jaar 365 dagen. In de dagen tussen het oude en het nieuwe jaar werden achtereenvolgens de goden Osiris, Horus de oudere en Seth en de godinnen Isis en Nephtys geboren. Zo ontstond de Enneade, het negental goden dat van Atoem-Re de oppergod afstamde.

Voor zover de – zeker 5000 jaar oude – Egyptische scheppingsmythe. Een bizar en ook voor ons doen best wel plastisch verhaal. Juist door die vreemdheid intrigeerde het mij en ben ik op zoek gegaan naar de esoterische betekenis van dit verhaal. Dit bracht mij tot de verbazingwekkende ontdekking dat basiswoorden die als vanzelfsprekend ons wereldbeeld bepalen als nu, natuur, niks en maat al gebruikt werden door de oude Egyptenaren. Door deze woorden terug te zien in hun oude context krijgen ze een verdieping in hun betekenis.

Neter = Natuur

Wat was er voordat de kosmos – onze bekende wereld – bestond? Waren het de goden die de wereld creëerden? Maar wat was er dan voordat de goden er waren? De Egyptenaren benoemden datgene wat er was voor tijd en ruimte met het concept Neter. Dit wordt vaak vertaald met Goden, maar staat voor iets wat er al was voordat de eerste goden er waren. Het is te zien als de cyclisch creërende kracht, die leven geeft en neemt. Het Egyptische woord Neter is de oorsprong van ons woord natuur via het Latijnse Natura. Neter als kracht van wording geeft elk ding zijn natuur of zijn aard.

Nun = Nu

Deze Neter is dezelfde als Nu(n); het Egyptische begrip voor de primaire chaos, de oeroceaan of de waterige afgrond waaruit alles is ontstaan. Het eeuwige Nu was er al vòòr het ontstaan van de materiële wereld. Deze associatie van natuur met nu (Neter en Nun) verklaart waarom er een vijandschap ontstond tussen mens en natuur.  De natuur werd geassocieerd met de krachten van wanorde. De chaotische krachten van de natuur moesten beheersbaar gemaakt worden. Het temmen van de chaos had echter een prijs; de ervaring van de mens werd erdoor gefilterd. We stapten uit de directe ervaring en ervoeren daardoor minder. Dit kon alleen door uit de ongedeelde eenheid van moeder natuur, uit haar paradijs te stappen. Op deze wijze zijn wij ook uit het eeuwige Nu gestapt, met ons hoofd in de toekomst of in het verleden. De etymologie van het woord nu voor dit moment, het heden stamt al uit de vroegste tijden. Ook in het Oudgrieks en Sanskriet is nu al een woord voor het heden. (of het ook een Oudegyptisch woord is kan ik niet vinden, maar is hierdoor wel aannemelijk geworden)

Nuter = de voedster

Nu(n) werd ook wel Nuter genoemd en heeft zo verwantschap met de ‘nurturer’, de voedster. Want alleen in het nu kan moeder natuur haar kinderen voeden. Energie stroomt alleen in het nu, wie met zijn aandacht in het verleden of de toekomst zit verliest zijn energie. Nu is nooit verdwenen, nog steeds worden wij omringd door deze oerwateren. De Grieken noemden dit de wereldrivier Oceanos die via Tethys nog steeds onze bronnen vult met zoet water. Dit betekend dat de angstaanjagende krachten van chaos tegelijk ook de weldadige krachten van overvloed zijn! (1)

Nut = moeder nacht en niks

Van de onpersoonlijke kracht Nu kwam de godin Nut. Toen de eenheid tot een veelheid werd, veranderde daarmee ook het perspectief op Nu. Nut is de hemelkoepel, in het bijzonder de hemel bij nacht. De godin hing naakt over de aarde heen en haar lichaam was bespikkeld met sterren. Als naakte sterrenhemel was zij ‘skyclad’! (2) Het woord Nut als de nachthemel is terug te vinden in het Franse Nuit en het Noorse Nott. De Griekse benaming voor de nacht was Nyx (Latijn Nox). Zij werd geboren uit Chaos. Volgens een Orphische mythe legde de zwartgevleugelde nacht een ei in de diepste duisternis (Erebos) waaruit de wereld ontstond. Als personificatie van duisternis en nacht gaf zij aanleiding tot het woord niks en niets. In het begin was er dus leegte, nietsheid. Toch is dit geen leegte in de zin van de huidige wiskundige nul, maar een leegte als ongevormde potentialiteit. De Germanen noemden deze Ginungagap en de Grieken Chaos. Beiden betekenen de gapende leegte of afgrond en beiden zijn het oerbegin voor er iets anders was. Maar in het Germaanse Ginning zit ook nog de betekenis ‘met magie (ginning) gevuld’.

Geb = vader aarde

Haar man is Geb de aardegod. Geb is waarschijnlijk etymologisch verwant aan Ge of Gaia de aardegodin van de Grieken. Het is zeer bijzonder dat de Egyptenaren hun aarde als mannelijk en hun hemel als vrouwelijk dachten.  In de hun omringende culturen was dit andersom. Zij waren innig met elkaar verbonden, waarbij Geb – zoals het de aarde betaamt – onder lag. Echter hemel en aarde werden door de luchtgod Shu van elkaar gescheiden. Ook bij de Sumeriërs worden hemel en aarde; An en Ki van elkaar gescheiden door de luchtgod Enlil en bij de Grieken gaat het om hemelvader Ouranos en aardemoeder Gaia die door Kronos worden gescheiden. Elke keer is er het element lucht nodig om de geboorte van nieuwe goden en de schepping van nieuwe wezens mogelijk te maken. Pas in deze middenwereld is het mogelijk dat de mensheid wordt geschapen. Het dagbewustzijn van de mens is afhankelijk van zijn gedachten en lucht is het element dat staat voor de gedachten. Door middel van gedachten ontstaat afstand tussen de mannelijke pure daadkracht en het vrouwelijke pure gevoel. In deze wereld die wij met behulp van onze gedachten kunnen ordenen leven wij. Dit is de creatie van de demiurg Atoem. Door te masturberen projecteert hij een schijnwereld buiten zichzelf. De in zichzelf volledige Atoem; de grote hij-zij, proest en spuugt en deelt zichzelf zo op in een mannelijk en een vrouwelijk deel. De luchtgod Shoe ontstaat en daarmee de gedachtenwereld die zich voordoet als de werkelijke wereld, maar slechts het medium is waarmee de wereld zich van zichzelf bewust kan worden en zo minnaar van zichzelf kan worden..Dit is echter een onvolledige wereld. Wij voelen dat onze wereld niet heel is. Om die volledige wereld te bereiken is verbinding en eenwording nodig.

Op oude schilderingen is te zien hoe Geb probeert  via zijn erecte fallus zijn geliefde (en haar vulva) te bereiken. Zijn fallus is te zien als de wereldas of paal die hemel en aarde verbind. Hij wil zo die oorspronkelijke eenwording weer tot stand te brengen. Dit lukt echter alleen op gewijde tijden als het Heilig Huwelijk door de farao en de priesteres in de tempel wordt voltrokken.

De benbensteen = zwarte steen van copulatie

De fallus van Geb wordt door de Egyptenaren verbeeld door middel van een obelisk. Het bovenste topje van de eerste obelisk was de Benben steen. Het topje van de obelisk en van de pyramiden was verguld of juist van zwart graniet. Dit is de eerste steen of heuvel die oprees uit de diepten van Nu. De god Atoem zat op deze steen of was deze steen. Vanuit deze steen kwam ook de allereerste keer de zon op. Benben zou copulatie betekenen en het versteende zaad van Atoem zijn. (3)

(afbeelding van de pyramidion uit de zonnetempel van Heliopolis)

Als de rimpelingen die een steen veroorzaakt in het water zo breidde de materie zich uit, met de zwarte Benben steen als epicentrum. Zo bleef deze steen het centrum van de kosmos. Meerdere plaatsen claimden de verblijfplaats van deze steen van het centrum te zijn. Dit kon in de pyramide zijn als de per-neter; het huis van de natuur of van de energie. Hierin vond de inwijding plaats om kennis te maken met de rauwe ongevormde oerenergie. Mogelijk in de vorm van een kennismaking met de kracht van de zwarte Benben steen. Deze steen kon echter ook in het Heilige der heiligen van de tempel liggen om daar de eerste stralen van de zon  op te vangen en te dienen voor inwijding.

De vulva van Nut is te zien als het zwarte gat bij de Poolster, het centrum van de hemel, de plek waar alle sterren omheen cirkelen en de plaats waar de zwarte Benben meteorietsteen vandaan komt. Toen deze steen uit het Nu omhoog rees, viel zij tegelijkertijd uit de hemel, want in het begin was er geen boven en beneden. Boven is beneden en beneden is boven. Dit zwarte gat is de poort waar de gestorvenen doorheen reizen naar de zielenwereld en ook de poort waar de zielen van de sjamanen doorheen moeten om hun inwijding te verkrijgen. Het lijkt er op dat veel oude rituelen bedoeld waren om terug te gaan tot die oerleegte en chaos om daarin nieuwe inzichten te verkrijgen.

Ma’at = de maat der dingen

Slechts buiten het jaar, dus buiten het dagbewustzijn en de creaties van de demiurg was de geboorte mogelijk van de vijf laatste goden: Isis, Osiris, Nephtys, Set en Horus. Zij werden geboren tussen de jaren in, in de heilige tussentijd geschapen door de magiërgod Thoth met behulp van maanlicht. Alleen in de periode die behoort bij chaos, nacht en het onderbewuste kan Nut haar kinderen baren! Ware schepping vindt plaats in het donker, het wordt bebroed als een ei en barst open met de eerste zonnestralen van het dagbewustzijn. De chaos en de duisternis zijn geen negatieve krachten zij zijn altijd rondom ons aanwezig en voeden ons, geven ons nieuwe energie, nieuwe inzichten. Wie de balans weet te bewaren tussen orde en chaos, cultuur en natuur, schepping en vernietiging, leven en dood, licht en duisternis etc. die weet ook het evenwicht te bewaren in de schalen van Ma’at. Ma’at is de godin van waarheid en harmonie. Haar weegschaal staat op het stenen platform dat de oorspronkelijke heuvel is van waaruit de wereld is ontstaan. Alleen daar in het exacte middelpunt tussen orde en chaos kan de ziel gewogen worden tegen de veer van Ma’at. Daar neem zij je de maat. Blijven de schalen in balans dan is je beloning de eeuwigheid..

Noot 1) Bij de oude Egyptenaren werd deze bron van overvloed wel afgebeeld als de koegodin Hathor met haar overvloedige melkstroom. Deze godin werd net als Nut ook wel als nachthemel afgebeeld..

2) Mogelijk begon hier het idee dat  de aanbidding van maan en sterren naakt moest gebeuren. In de meer preutse tijd werd dit wel vervangen door een sterrenbespikkelde mantel zoals te zien is in afbeeldingen van heksen en tovenaars.

Waarschijnlijk is er een etymologische verwantschap tussen naakt en nacht. Men heeft het nog steeds wel over een naakte hemel..

3) Dit is ook de plaats waarop de Bennu of Phoenix vogel haar ei legt.

Literatuurlijst en internetverwijzingen volgen later nog..

Taxus: Boom van dood en eeuwig leven

De taxus (lat. Taxus Baccata) is een altijd groene naaldboom. Hij heeft platte naalden die lijken op die van de spar en een schilverende roodbruine bast. Je ziet ze veel in formele tuinen – zoals Versailles – omdat ze zo mooi in vele vormen gesnoeid kunnen worden.

Taxus komt van taxon wat boog betekend. Baccata betekent rode bessendrager. De taxus zelf heeft weer aanleiding gegeven tot het woord toxon,  wat toxic oftewel giftig betekend. Yew komt mogelijk van het oud-Germaanse ‘ewe’ wat eeuwig betekend of anders van het Indo-Europese ‘ei’ wat rood betekend. (1)

Venijnboom

Alles aan de boom is giftig behalve zijn rode bessen, die zijn best smakelijk. Maar het pitje van de bes is wel weer giftig! (eten is sterk af te raden!!)Image

Volgens Dioscorides was zelfs slapen onder de schaduw van de boom – vanwege de giftige uitwasemingen – dodelijk. Ook het drinken uit een beker gemaakt van taxushout zou je niet overleven. In de volksmond wordt hij boom des doods en venijnboom genoemd. (2)

Taxus wordt gebruikt als vergif. Shakespeare wist dat maar al te goed: in Macbeth brouwen zijn drie ‘weird women’ een gifdrank voor ‘toil and trouble’ o.a. van takjes taxus gesneden bij een maansverduistering.Zij wijden dit brouwsel aan Hecat. Taxus is inderdaad gewijd aan Hecate. Ook in Hamlet komt taxus als gif voor: De vader van Hamlet wordt vermoord doordat er taxussap in zijn oor wordt gegoten. (3)

Toch is er maar een letter verschil tussen gif en gift. Als gift kan de taxus zelfs genezing brengen. Het is echter de kunst om de exacte hoeveelheid te kennen. Teveel van het middel zal je doden, te weinig helpt niets. Precies genoeg zal levens redden. Vroeger werd taxus wel gezien als middel tegen slangengif en hondsdolheid vanuit het idee van neutralisering van het gif door iets gelijkwaardig giftigs. Dit bleek niet te werken. Als medicijn tegen kanker wordt het nog wel toegepast. (4)

Boom van dood èn eeuwig leven

Dat zij de dood (maar daarmee ook ‘het eeuwige leven) toebehoord is te zien aan de gewoonte om Taxus op kerkhoven aan te planten. Op kerkhoven vind je de aller-oudste taxusbomen. Deze bomen zijn o.a. door hun langzame groei ontzettend oud geworden. Ongestoord op het kerkhof konden zij doorgroeien tot wel 1500 jaar. Sommige bronnen beweren dat de oudste taxus van Europa – de Fortingall Yew – zelfs 5000 jaar oud is! (5) Het langdurige leven van een taxus wordt mooi verbeeld in een middeleeuws gedicht uit het Ierse ‘book of Lismore’ waarin drie levens van een taxus gelijk staat met de ouderdom van de wereld van begin tot eind! (6) Eeuwig zijn ook zijn altijd groene naalden. Zo staat zij naast de dood ook voor een bijna eeuwig leven.

Image

Veel oude taxusbomen leefden waarschijnlijk al toen de grond nog behoorde bij een heidens heiligdom. De Taxus stond er dan al voordat er een kerk en kerkhof was! Van meerdere heidense heiligdommen wordt gezegd dat er één of meerdere taxusbomen stonden. Iona, het heilige eiland van de druïden, is genoemd naar de vele daar groeiende taxussen. Op de tempelgrond van het heidense Uppsala stond een heilige immergroene boom (wellicht een taxus) en zowel in Avebury, Stonehenge als Newgrange zou juist in het noorden van het heiligdom taxusbosjes zijn aangeplant. (7) Het noorden is voor de Germanen de weg naar de dodenwereld. Ook voor de Grieken ging de weg naar de onderwereld tussen taxusbomen door. In de Eleusinische mysteriën kransten de priesters zich met taxus en mirte als teken van dood èn wederopstanding en de Eumeniden zuiverden de pasgestorven doden met taxustakken. Zo wijst de taxus de weg voor de dode naar de andere kant. (8)

Boom van de winter

De taxus hoort bij het meest doodse seizoen; de winter. Zij is verbonden aan de twintigste en laatste letter van het Ogham bomenalfabet, Ido oftewel taxus. Robert Graves verbindt deze laatste letter van de vijf klinkers aan de dood en de laatste dag van het jaar; de dag voor midwinter. Hij zet de taxus tegenover de eveneens altijd groene en erg op hem lijkende zilverspar die dan staat voor geboorte en de eerste dag van het jaar. (9) De 13e rune Eihwaz – wat taxus betekend – is evenzeer een aankondiging van de dood en de winter. De rune gewijd aan de taxus geeft bescherming tijdens de tocht door dit doodse seizoen. (10)

Taxus is gewijd aan de Germaanse wintergod Ullr. Deze obscure god zou op ski’s (en mogelijk zelfs op schaatsen) het winterse landschap bereizen. Zijn boog is van taxushout en zijn woonplaats is Ydalir, het taxusdal. (11) De boog van taxus en de pijlen die ingesmeerd zijn met taxussap kunnen doden, maar ook schilden werden wel gemaakt van taxushout en deze beschermt juist en redt zo weer levens.

Een bekendere held die verbonden is met de taxus is Robin Hood. De ‘longbows’ van hem en zijn ‘merry men’ zijn uiteraard gemaakt van het buigzame, doch niet breekbare taxushout. Toen Robin Hood door een verraderlijke non werd adergelaten liet zij hem achter om dood te bloeden. Zijn makkers vonden hem te laat. Met zijn laatste krachten spande Robin zijn boog en fluisterde dat hij begraven wilde worden op de plaats waar de pijl de grond zou raken. Dit was niet toevallig onder een taxusboom. (12)

Gids der doden

Robin is niet de enige beroemdheid die zijn graf naast of onder een taxus heeft. Ook op de graven van het tragische liefdespaar Tristan en Isolde èn het evenzo tragische Ierse stel Deirdre en Naoise groeit taxus. Bij de laatsten werden er staken van taxushout door hun lijken gedreven. Deze staken groeiden uit tot twee bomen die zich in elkaar verstrengelden.

Dit laatste doet mij denken aan het Bretonse volksgeloof dat waar er een taxus groeit op een kerkhof, er door elke mond van een begraven persoon, een wortel van die taxus zal groeien. (13) Hoe luguber dit ook klinkt, waarschijnlijk was dit juist een reden om taxus op kerkhoven te planten. De boom hielp de dode om via zijn wortels naar de andere wereld te reizen. Hij hielp de dode om verder te kunnen gaan in de cyclus van het wiel des levens. Wie dat niet doet wordt een levende dode, een spook of een vampier. Deirdre was een zelfmoordenares en liep daardoor grote kans om geen rust in het graf te vinden. Zij kon een gids en wegwijzer naar de andere wereld goed gebruiken! (14)

Onverbiddelijk draait het levenswiel door en als de 13e spaak is gepasseerd, is de dood, maar ook een nieuw leven het gevolg. De taxus is als dat wiel. De beroemde taxus van Ross werd ook wel een ‘koningswiel’ genoemd en Mog Ruith – een van de machtigste druïden – kon vliegen met een wiel gemaakt van taxushout. (15) Taxus symboliseert dit ook doordat zijn takken als zij de grond raken weer wortel kunnen schieten en dan opnieuw uitlopen. (16) Zo toont de taxus hoe na een duistere weg opnieuw het licht kan worden bereikt.

Boom van God

Toen de god ‘Trefuilngid Treochair’ Ierland bezocht liet hij vijf bessen vallen. Daaruit ontstonden de vijf belangrijkste bomen van Ierland. Drie maal een es en twee maal een taxus (of een eik en een taxus). Zowel es als taxus zijn beschermers van reizigers naar de Andere wereld en beide zijn bomen van God. Bij de es is deze god Odin. Bij de taxus is het Ullr, de god die weet hoe hij dood en winter moet doorstaan om er aan de andere kant weer uit te komen. De taxus wordt boom van god genoemd in Georgië, in de Himalaya en in Japan. In Ierland wordt de taxus van Ross – een van de vijf magische bomen van Ierland – zelf een sterke, stevige god genoemd! (17) Een sterkere beschermer op de reis naar de andere kant dan een eeuwenoude taxus zou ik mij niet kunnen wensen!

(Crowhurst Church – Surrey Let op het deurtje!!)

Noten:

1 Moens – Bomen en mensen p. 284

Hageneder – Bomen p. 203

Lankester – De Keltische maankalender p.197

2 Blöte Obbes – Boom en struik p. 52-53

3 Graves – White Goddess p.193-194

Shakespeare – Hamlet act one scene five:

‘Upon my secure hour thy uncle stole

With juice of cursed hebenon in a vial,

And in the porches of my ears did pour

The leperous distilment, whose effect

Holds such an enmity with blood of man’

4 De Cleene –Compendium van rituele planten p. 1018

5 Omdat dergelijke bomen van binnen hol zijn, is er geen jaarringentest te doen, dus de leeftijd inschatten blijft een precaire business..

Fortingall yew uit Schotland ca. 2000-5000 jaar http://en.wikipedia.org/wiki/Fortingall_Yew

Llangernyw yew uit Noord Wales ca. 4000 jaar http://www.mnn.com/earth-matters/wilderness-resources/photos/the-worlds-10-oldest-living-trees/llangernyw-yew

6

A year for the stake,
Three years for a field,
Three lifetimes of the field for the hound,
Three lifetimes of the hound for the horse,
Three lifetimes of the horse for the human being,
Three lifetimes of the human being for the stag,
Three lifetimes of the stag for the ousel (blackbird),
Three lifetimes of the ousel for the eagle,
Three lifetimes of the eagle for the salmon,
Three lifetimes of the salmon for the yew,
Three lifetimes of the yew for the world from its beginning to its end.

7 Walker – Dictionary p. 476

Lankester – De Keltische maankalender p. 200

Dit is allemaal speculatie, helaas is niets hiervan te herleiden op authentieke bronnen, dat wil natuurlijk nog niet zeggen dat het vals is!

8 Boom en mens p. 285

Statius, Thebaid 8. 10 ff (trans. Mozley) (Roman epic C1st A.D.) :
“Upon the Stygian shores . . . not yet had the Eumenis [Erinys] met and purified him [the new dead ghost] with branch of yew, not had Proserpine [Persephone] marked him on the dusky door-post as admitted to the company of the dead.”

9 Graves – White goddess

10 Duane – Runen p. 36

11 Otten – Edda Grimnismal p.45

12 Bomen en mensen p. 286

Er is een mogelijke connectie tussen Robin Hood en Ullr. Hood, wordt vaak geschreven als Hod, wat ook de verkorte naam is voor Hoder, de broer van Balder. Hoder als het winterse aspect van de jaargod is sterk verwant met de wintergodheid Ullr.

13 Graves – White Goddess p. 194

Meestal groeien er een witte en een rode roos op het graf van Tristan en Isolde maar deze variant komt ook voor.

14 Een lijk waarvan men vermoedde dat het een levende dode / vampier was kreeg een staak door het lichaam gespietst om tot rust te komen. Maar deze was meestal gemaakt van het hout van meidoorn of jeneverbes.

Jackson – Compleat vampyre p. 105

15 In de ‘Rennes dindsenchas’ over de afkomst van plaatsnamen wordt de taxus van Ross zo genoemd:

"The Tree of Ross is a yew... a king's wheel, a prince's right... a

straight firm tree, a firm strong god.

16 Stem der bomen http://www.stemderbomen.nl/pages/mainpages/magische-taxus.htm

Zijn reputatie t.a.v. een lang leven dankt de Taxus aan de wijze waarop hij groeit. Als hij niet gesnoeid wordt, groeien zijn takken naar de grond, gaan wortelen en vormen nieuwe boompjes die rond de centrale boomstam opgroeien als aparte, maar met elkaar verbonden bomen. Na een tijdje onderscheiden zij zich niet meer van de moederboom. Het geheel lijkt dan op een grote struik met vele takken. Zo werd de taxus symbool van dood en wedergeboorte: het nieuwe komt voort uit het oude.

17 Matthews – Celtic wisdom p.110

Hageneder – Bomen p.202 -203